Steeds meer flexwerkers in de jeugdhulp

'Wij hebben het liefste vaste krachten.'

Elk jaar maken de vertrouwenspersonen van Zorgbelang Brabant | Zeeland een overzicht van de trends in de jeugdhulp. Een van deze trends is de toenemende inzet van flexwerkers op de groepen door een hoog ziekteverzuim en een steeds groter wordend personeelstekort in de jeugdzorg. Een trend met alle gevolgen van dien.

Bij een jeugdzorginstelling in Breda krijgen de groepen regelmatig te maken met flexwerkers. ‘En dat vinden wij niet fijn’, vertellen Samantha en Willemijn. ‘Iedere keer weer een nieuw iemand die niets weet van ons als persoon, niets weet van hoe het hier op de groep gaat. Hierdoor richten zij zich vooral op de huisregels waardoor er voor ons geen ruimte en flexibiliteit is. Zo kennen zij ook ons ‘Lekker in je vel schema’ (een schema met plaatjes waarmee jongeren heel goed kunnen aangeven hoe zij zich op dat moment voelen) niet. Hierdoor is het voor ons vaak moeilijk om nieuwe mensen echt te vertrouwen en ons veilig bij hen te kunnen voelen.’


De flexwerkers zijn zoveel tijd kwijt met administratieve zaken dat zij geen tijd hebben om echt leuke dingen met de groep te doen.

‘Doe bijvoorbeeld eens spelletjes met ons, dan leer je ons beter kennen en weet je ook waarom wij soms op een bepaalde manier reageren of waarom het soms een beetje uit de hand loopt op de groep’, legt Willemijn uit. ‘Ja, en kom eens achter de computer vandaan zodat je ook echt kunt zien wat er hier allemaal gebeurt’, vult Samantha aan.


‘Wij hebben het liefst gewoon vaste krachten, dat is echt beter voor iedereen. Zij weten hoe je bent en hoe zij met je om moeten gaan. Dat zorgt ervoor dat de sfeer op de groep ook veel beter is. Wanneer je je veilig voelt, kun je ook veel relaxter zijn. Dus vaste krachten op de groep, dat is wat ons betreft de oplossing’, aldus Willemijn en Samantha.


Personeelstekort

Jeroen van Lieshout is vertrouwenspersoon op de groep van Willemijn en Samantha. Vertrouwenspersonen komen regelmatig op bezoek op de groepen van diverse jeugdzorginstellingen. Zij zien ook dat er een toename is van flexkrachten, invalskrachten en uitzendkrachten en merken dat de jongeren hier last van hebben.


Jeroen: ‘Dit zit vaak in het missen van de ouderwetse ‘drie R-en’ (Rust, Reinheid en Regelmaat). Op sommige groepen zijn er in een week soms wel twintig verschillende groepsleiders. Omdat vertrouwenspersonen ook een signaalfunctie hebben, kaarten wij dit regelmatig op bestuursniveau aan. Jeugdzorginstellingen geven aan dat zij bijna niet aan personeel kunnen komen. Ook is het moeilijk om personeel te behouden. Een groot deel van de flexwerkers geeft aan dat zij liever geen vast contract hebben, omdat zij nu meer kunnen verdienen dan in vaste dienst, zij geen roosterregels hebben (dus langere diensten kunnen draaien, langer vakantie kunnen nemen) en zelf hun agenda kunnen beheren door het aangeven van hun beschikbaarheid. Wij merken dat diverse instellingen op allerlei manieren proberen om personeel binnen te halen. Zo zijn er zelfs al financiële bonussen als je voor een nieuwe collega zorgt.’

Oplossingen

‘Wij willen natuurlijk niet alleen maar een wijzende vinger zijn naar de instanties, maar ook oplossingen aanreiken’, geeft Jeroen aan. ‘Zorg dat de cliënt een werkmap heeft waar de belangrijkste dingen in staan beschreven:


  • Overzicht individuele afspraken die up-to-date zijn.
  • ‘Lekker in je vel schema’/signaleringsplan van maximaal een A4’tje in begrijpelijke taal.
  • Overzicht van de groepsregels.
  • Overzicht van de doelen waar een cliënt aan moet werken.


Zorg verder dat flex-medewerkers aan een groep zijn gekoppeld en niet aan de instelling, zodat de jongeren wel steeds dezelfde flex-medewerkers zien. Zorg daarnaast voor een gestructureerde overdracht met agenda. Zo kan de overdracht kort en efficiënt plaatsvinden en komen de belangrijkste dingen aan bod.’


‘Natuurlijk kunnen wij het probleem van het personeelstekort niet direct oplossen, maar wij kunnen met deze tips flexwerkers en jongeren helpen om een wat veiligere sfeer te creëren op de groepen’, besluit Jeroen.


Deel deze pagina op: